Het rolleman-ei is gelegd

IMG_5899

Zondag 12 mei komt het uit:

Rollemanschiksie. Vier generaties van huis weg. 

Het  familie-epos over reizigers en  eindresultaat van vele maanden noeste, plezierige en interessante zoek- en schrijfarbeid over vier generaties reizigers, hun geschiedenis, cultuur en leven.

Ben jij nieuwsgierig geworden en wil je Rollemanschiksie. Vier generaties van huis weg  graag lezen? Stuur een mail naar ambi@ambilicious.nl met in het onderwerp: ‘Rollemanschiksie’ en geef op hoeveel exemplaren er naar jouw adres gestuurd kunnen worden. De uitgever stuurt je jouw exemplaar plus factuur.

Bestel je exemplaar vóór 10 mei aanstaande en je krijgt  – omdat je er zo vroeg bij bent – het Rollemanschiksie Receptenboekje  gratis. Een boekje vol leuke, smakelijke recepten bereid door de vrouwen in de roman.

Foto: Peter van Beek

Je kunt  Rollemanschiksie. Vier generaties van huis weg  na  12 mei  ook bij de boekhandel ( ISBN 978-94-93366-07-7 | NUR 30)  halen of online bestellen bij de uitgever of Bol

Wil je een gesigneerd exemplaar? Bel of mail me en we maken een afspraak.

Alvast wat lezen? Open hier je INKIJKEXEMPLAAR Rollemanschiksie. Vier generaties van huis weg

Vrije Reizigers of een achtergesteld leven?

Afbeelding

Foto: Rolleman (Facebook)

In Rollemanschiksie. Vier generaties van huis weg spelen reizigers de  hoofdrol. Klara, Crina, Afina en Raji  en andere  familieleden zijn gebaseerd op wat ik te weten ben gekomen over Roma en Sinti. Deze  mensen zonder land en nationaliteit. behoren weliswaar tot één volk, maar hebben ieder hun eigen tradities en spreken verschillende dialecten. De onwetende  burgerij scheren hen sinds jaar en dag echter allemaal  over één kam en noem(d)en hen zigeuners,  gypsies, guanos, egyptiers of tsiganes.

Pas in de zeventiende eeuw lijkt er een omslag te ontstaan. In de ban van  de Romantiek  gaan  welgestelde hoger geplaatsten met andere ogen kijken naar de  ‘zigeuners’  en zien hen als  hét voorbeeld van hoe zij zouden willen leven, namelijk als pure, vrije natuurmensen. De gewone burgers, boeren en buitenlui, altijd bezig brood op de plank te krijgen,  kunnen zich dergelijke verheven gedachtes niet veroorloven; voor hen blijven de reizigers nog altijd dieven, spionnen, kinderlokkers of erger.  Van de weeromstuit gingen de  Roma en Sinti   ‘de gajes’ zoveel mogelijk uit de weg. Zo bleven de vooroordelen over en weer telkens opnieuw bevestigd.

Vanaf eind 19e, begin 20e eeuw reizen groepen Sinti en Roma vanuit het oosten Nederland  binnen. Ze verdienen hun kost als dagloner bij boeren, als paardenhandelaar, muzikant, berenleider, ketellapper of metaalbewerker. 1933 met de opkomst van het nationaal socialisme worden zigeuners net als joden beschouwd als minderwaardige mensen. Behalve zes miljoen joden, stierven er tussen de vijfhonderdduizend en één miljoen Roma en Sinti in de concentratiekampen. Na de bevrijding konden deze statenloze nergens terecht en  werden heen en weer gejaagd door niemandsland.

Na WOII stelde de Nederlandse overheid  paal en perk aan het reizend bestaan,  Wie  in Nederland wilde blijven, kreeg  te maken met de Woonwagenwet die voorschreef dat men een vergunning moest hebben  om in een woonwagen te wonen.  Om zo’n vergunning te krijgen moest je kunnen lezen en schrijven, werk hebben en … een vaste woon- en verblijfplaats. En, dat was um nou juist de crux, de meeste reizigers konden niet schrijven of lezen. Wie eenmaal wel een vergunning had weten te bemachtigen, moest evengoed lang wachten op een standplaats want het duurde jaren voordat gemeenten bereid waren de Roma te huisvesten, maar enkel in huizen;  woonwagens waren niet meer gewenst.

In de jaren negentig van de vorige eeuw trok een nieuwe groep Roma uit Oost Europa met andere vluchtelingen en asielzoekers mee Nederland in. Deze nieuwkomers reizen niet of nauwelijks meer.  Ze wonen in huizen, hebben een goede opleiding en baan  en weten hun weg in de Nederlandse maatschappij te vinden.

Klaartje van de Mul

AF041EB1-2F22-4C12-A0DF-51FB8C7B533D_4_5005_cFragment uit:  Rollemanschiksie. Vier generaties van huis weg.

”Ik ben geboren als Klaartje van de Mul, althans zo noemde iedereen me want mijn vader werkte als mulder, molenaar. We woonden in een dorp niet ver van de Duitse grens en spraken een mengelmoes van Nederlands en Duits. We noemden onze ouders vati en mutti, de molen was de möl en we aten breud in plaats van,’ ik hou het stuk brood dat Crina me gaf omhoog, ‘brood.’

Mijn dochter en achterkleindochter grinniken. Pff, gelukkig, ze lachen. ‘Klaartje, wat een rotnaam! Net als Zus, trouwens, zo noemden ze me thuis. Zus doe dit. Zus doe dat. Vort Zus, weg hier. Schiet op Zus. Mijn vader, mijn moeder, mijn broers, ze zeiden het allemaal en ik liep ze altijd in de weg. Ze vonden me een tegendraads kind én een handenbinder. Ja, ik was een ondernemend meisje en drentelde als kleine kleuter al van het woonhuis naar de molen. Ik liep in de weg als mijn vader en mijn broers grote zakken tarwe of koren leeggooiden in het steengat op de bovenste molensteen.

‘In het wat omi?’ Raji kijkt me verbaasd aan.

Foto: Molendatabase.nl