Blije Maandag

2F6209C7-42F2-45EF-ADD1-CC51F2800B5D_1_201_aVoor mij is maandag 5 juli voortaan Blije Maandag. Vandaag kreeg ik de  reactie van uitgeverij ambilicious.nl : ze willen met mij (en Rafels) een uitgeeftraject starten. Yes!

Na dik twee en half jaar schrijven en schaven, steunen en puffen, genieten en tevreden zijn, herschrijven en schaven, proef laten lezen, feedback incasseren en ervan leren, opmerkingen van redacteuren en corrector toepassen, voor de zoveelste keer de vraag Wanneer kom je boek uit beantwoorden (Uh, het ligt nog bij de redacteur) is het eindelijk zover. Uitgever Ambilicious zet het licht op groen. Natuurlijk ligt Rafels nu niet direct tastbaar op tafel; we moeten nog sleutelen aan de spanningsboog, maar het compliment prima beschreven heb ik alvast in mijn zak gestoken. 

En doorrrr

Daar praat je niet over

IMG_1869‘Wat er met onze doden gebeurt? Waarom vraag je dat? Daar praten we niet over. We hebben respect voor ze, daarom noemen we ze niet bij naam.’
Op mijn omi’s voorhoofd verschijnt een diepe frons. Ze schudt haar hoofd, staart naar de muur achter me, zucht diep en kijkt me dan recht aan.
‘Vooruit dan maar, ik kan het jou wel vertellen. Je bent per slot van rekening een van ons.’
Ze knikt langzaam als om de juistheid van haar beslissing kracht bij te zetten. Zigeuners zijn niet graag open over emotionele zaken.
‘Wanneer we onze doden begraven geven we ze de kleren en sieraden mee die ze droegen toen ze overleden én de dingen waar ze mee bezig waren.’
‘Mee bezig waren, u bedoelt…’
Ik hoef mijn zin niet af te maken.
‘We vinden het fijn te denken dat iemand gewoon blijft doen wat hij deed. Rookte een man een pijp toen hij overleed? Hij krijgt hem mee. Net als de vrouw de pollepel waarmee ze in de pan roerde, ze kan hem nog nodig  hebben.’ Omi lachte, een licht gehinnik. ‘Voor een jonge man die onderweg verongelukte, lieten we een miniatuurwoonwagen maken. Een kind dat met zijn kruiwagen buiten speelde en giftige planten at, kreeg zijn speelgoed mee.’ 
Omi valt stil. Haar doffe ogen staren een zwarte verte in.
Ik voel haar verdriet, het blijft zwaar in de ruimte hangen. Ik durf me amper te verroeren of verder te vragen
 
Scène uit Rollemanschiksie. Donia’s overgrootmoeder vertelt over haar leven. Als jong meisje liep ze van huis weg. Ze ging met de muziek, de zigeuners, mee. Ze werd liefdevol opgenomen en leerde zoetjesaan alle zigeunergebruiken en gewoontes. De do’s en do nots. En dat zijn er nogal wat.

Dit boek in wording verhaalt over mensen met een andere culturele achtergrond. Dat verreist een intensieve voorbereiding want ik wil, ik moet, alles weten over hun maníer van leven. Waar ze van leven. Wat ze eten en drinken, zowel doordeweeks als tijdens feesten en andere bijeenkomsten. Hoe ze blijheid en verdriet vorm geven, hun kinderen opvoeden, communiceren met elkaar en welke ge- en verboden er heersen binnen hun gemeenschap.
Een hele kluif om uit te zoeken, maar … leve het internet.
Ik tik zigeuners in, gypsies, Roma of woonwagenbewoners en voilà een lading aan links, video’s, docu’s duikt vanuit het wereldwijde web op en via via en  Instagram spelen mensen me informatie door en titels van boeken over het zigeunerleven. 
Een leerzame zoektocht waarin ik onder andere te weten kom dat zigeuners niet over ziekte en dood (willen) praten. De duivel verzoeken vinden ze,  én het knaagt aan het respect voor de overledene of zieke. Ook weet ik nu dat zigeuners zich niet laten cremeren vanwege al degenen die in WOII vermoord werden. Ja, het zijn

emotionele mensen.

Loslaten en verbinding

img_3537Zie hier de omslag van Rafels. Deze pentekening van Rob van der Geugten past, vind ik, precies bij het verhaal van Rafels.    
 Twee mensen die met elkaar zijn verbonden maar de ander toch los hebben moeten laten. Hunkering zie ik, vrijheidsdrang, samenkomen. 

Het manuscript ligt, nadat het uit-en-ter-na geredigeerd en persklaar gemaakt is door Sabrine Mourits, een woordperfectionist. Iemand die feilloos ziet waar de komma ontbreekt of juist ten onrechte staat. Die het ritme van de zinnen zachtjes voor zich uit zingt, tenminste dat stel ik me voor, en er vervolgens waar nodig een mooiere compositie van maakt. Zonder haar en Linda Crombach, mijn eerste redacteur die me hielp met de structuur, de opzet, de hoofdstukken indeling, de scènes en de inhoud was Rafels nooit zo AF geworden.

Nu maar afwachten wat de uitgever(s) vindt of vinden. Wordt vervolgd. Ondertussen schrijf ik lekker aan (werktitel) Rollemanschiksie