(Fragment uit Klara’s moeder) Na een half uurtje kropen ze (de broertjes van Klara) giechelend en met verhitte koppies terug bij ons op het laken. Ze hadden iets spannends gezien. “Moeten jullie eens meekomen,” fluisterden ze tegen mijn zusje en mij. “Moeder en vader zijn aan het gymnastieken het is heel grappig. Kom kijken.”
We wilden opstaan. “Nee!” De jongens gebaarden dat we ons moesten bukken. We bogen tot onze zowat op onze knieën lag en slopen naar de eik. De jongens hielden stil, wezen naar een plek met hoger gras en wat ik daar zag…’ Alsof ik naar een vertraagde film kijk zie ik het weer helemaal voor me. Ik sla mijn hand voor mijn mond en lach. ‘Nou, wat zag u?’‘Ik zag twee witte billen op en neer gaan!’ ‘U bedoelt …? Oh…’ Rosa slaat haar hand voor haar mond en giechelt. ‘Uw ouders deden hét!’
Die zaterdag in juli wilden we picknicken op een weiland ergens in Spaarnwoude. De zon scheen uitbundig, schoof ongeduldig een af en toe een passerend wolkje opzij om ruimbaan voor haar eigen gloed te maken. We struinden door hoge grassprieten en beginnende korenaren.