Rafels in de etalage

 

Ik moet veel oefenen met lopen van mijn fysiotherapeut. Dat komt doordat ik in februari mijn hiel brak en knieband scheurde. Na elf weken in het gips kon ik aanvankelijk enkel wat strompelen. Ik durfde amper op mijn voet te staan en was een echte bankhanger geworden. Voordeel daarvan was dat ik heel veel kon schrijven aan mijn tweede roman ‘van Huis _weg’ (werktitel). Mooi meegenomen dus, maar dit terzijde.

Oefening baart kunst en stap voor stap, overbrug ik steeds grotere afstanden. Zo bereikte ik vandaag (met de tram en een stuk te voet)  Boekhandel Van Pampus in Amsterdam Oost. Ik hou van kleinschalige boekhwinkels en loop er graag binnen, zo ook deze keer. Nieuwsgierig speurde ik naar mijn roman Rafels en … ja hoor! Op een tafel tussen stapels andere boeken lag Rafels potentiële kopers toe te lachen. Ik kon het niet laten, pakte het boek op, rook eraan (doe ik heel vaak) en legde het weer terug. Naast me stond een vrouw die me aanstootte en zei:’ Moet u kopen mevrouw, is een prima boek. Mooi verhaal, ontroerend geschreven. Ik moest her en der zelfs huilen.’
‘Ik  zal het onthouden mevrouw, dank u,’ zei ik en liep gniffelend de winkel uit.
Loop je bij jou in de buurt een boekwinkel binnen en spot je daar  Rafels? Maak een foto en stuur hem naar mij. In ruil krijg je een leuke attentie. Deal?

Deal!

Blij

En het eerste exemplaar van Rafels is voor de schrijfster zelf. Zo gaat dat in Boekenland. namens de uitgever  geeft Robert Beernink mij een pakje, ik scheur het cadeaupapier ervan af en kijk verrast: Dit Is Mijn Boek.

Ik zet mijn handtekening in Robert’s exemplaar, lees voor uit eigen werk en als afsluiting zingt Fredie ‘Rafels”.  Klaar!

Jaren aan geschreven, gesleuteld, gedelete, herschreven, in gekrast, anders geformuleerd, volgorde gewijzigd, weer terug gezet, nee, toch weer anders en dan ineens: klaar!

Ik kan er niets meer aan doen, nu gaat het de wijde wereld in, wordt het door andere ogen gelezen, gewogen, gekeurd. Doodeng dat loslaten. Maar het kan  niet anders, het is klaar!

Dan lees ik op Hebban een recensie van een lezeres en voel ik mijn lippen omhoog krullen en mijn wangen rood kleuren, ik krijg het warm van dit soort complimenten:

‘Ik heb genoten van de mooi geschreven zinnen en heb regelmatig hard moeten lachen om de humor, maar ook moeten huilen. Zo ontroerend als het is neergezet.
Het verhaal zet je ook aan het denken hoe we zelf in relaties staan en hoe we er mee omgaan.’

Ik ben gewoon blij en

Trots

Eindelijk

Tig, nou ja, zeven, versies, meerdere redactierondes plus twee hoofdredactionele rondes door de uitgever en een drukproef verder, is het eindelijk zover. Zondag 19 juni komt Rafels officieel uit en ik ben zo trots als iemand maar zijn kunt.

Natuurlijk is het ook eng om mijn geesteskind in het openbaar los te laten. Hoe reageren de lezers erop?  Branden de recensenten direct los of branden ze Rafels af?  Is het verhaal niet te mooi geschreven willen zijn? Te dramatisch ? Toen ik het laatst weer doorlas, vroeg ik mezelf af: waar haalt ze het vandaan al die emoties. Uit het leven gegrepen, lijkt me het beste antwoord, maar hé wacht even: het is geen autobiografie. Ik ben immers niet getrouwd, ik heb geen vakantiehuis en …

Nee dat ga ik niet zeggen, dan verklap ik

de clou

Lees Rafels zelf maar, je kunt het kopen in de boekhandel ISBN: 978-94-93275-28-7, rechtstreeks bij de uitgever of online bij  Bol.